A. Technische vraag over voorstellen op agenda commissie
Vraag
• Weesvoertuigen? Waar is de 56 dagen op gebaseerd?
• Wat gebeurt er met de weesvoertuigen na afsleep?
Verwachte datum afdoening
30-01-2026
Antwoord(en)
- Een termijn van 8 weken (56 dagen) is een redelijke periode om te bepalen of een voertuig langdurig stil staat.
Deze termijn biedt voldoende ruimte voor situaties waarin een voertuig tijdelijk niet in gebruik is, zoals bij ziekte of een lange vakantie.
Daarnaast is het onwaarschijnlijk dat met deze termijn inwoners die hun voertuig tijdelijk (bij de woning) parkeren, direct geconfronteerd worden met het wegslepen van het voertuig. Het verstrijken van de 8 weken betekent namelijk niet automatisch dat sprake is van een spoedeisend geval, zoals bedoeld in artikel 5:31 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Voor een eventuele verwijdering wordt eerst de mogelijkheid geboden om een zienswijze in te dienen, zoals geregeld in artikel 4:8 van de Awb. Hierdoor heeft de eigenaar voldoende tijd om geïnformeerd te worden en zich uit te spreken over de situatie.
- Voor het wegslepen en bewaren van het voertuig wordt dezelfde werkwijze gevolgd als bij de huidige artikelen 5:4 (defecte voertuigen) en 5:5 (voertuigwrakken) van de APV. Dit betekent dat de gebruikelijke procedures voor het wegslepen en opslaan van voertuigen in werking treden. Indien het voertuig na 13 weken niet door de eigenaar is opgehaald, kan de gemeente het voertuig verkopen, vernietigen of weggeven op grond van de artikelen 5:29 en 5:30 Awb.